Elke maand de Merander blogpost ontvangen?
Aan het einde van mijn vakantie liep ik vanuit de beschutte duinen het strand bij Egmond aan Zee op. Ik liep te puffen, het was vrijwel windstil en ondanks de bewolking was het warm. De zeewind was dan ook welkom en toen het begon te miezeren terwijl ik op blote voeten door de branding struinde, vond ik dat helemaal niet erg. Ik realiseerde me dat deze kust me dierbaar was, me thuis deed voelen. Hoe grijs de zee ook is, hoe hard de wind en hoe striemend de regen: Ik heb liever vloed dan eb, liever wind dan zon. Op mijn recente wandelvakantie had ik die gewaarwording ook. Ik vond de ruige bergen van het Lake District nog aantrekkelijker dan de lieflijke Yorkshire Dales. In die rauwe omgeving, zwoegend in de mist op weg naar de top voel ik echt dat ik leef.
Ook in mijn werk zoek ik graag de ruwe kant op. Als leider en adviseur kom je zelden in een organisatie terecht waar alles koek en ei is. Hoe mooi de belofte van je opdrachtgever ook is dat het glas halfvol is, dat er te bouwen valt, dat de resultaten voor het oprapen liggen… meestal is er eerst flink wat opruimwerk te doen. Ik weet niet precies waarom me dat zo aantrekt. Ik vroeg me eens hardop af bij een collega waarom ik niet gewoon kon genieten van de behaalde resultaten en onrustig werd zodra de grootste uitdagingen waren geadresseerd. Ze moest lachen en antwoordde simpelweg: “Zo ben jij. Je daagt jezelf uit, zoekt steeds nieuwe situaties op. Daar vind je voldoening in.” En ja, dat klopt! Ik ben beweeglijk als de zee. Op de winkel passen is niet my cup of tea, ik verveel me snel. Hoezeer ik mezelf daar soms ook om vervloek, als ik wakker lig van wéér een nieuwe, moeilijke uitdaging.
Niet iedereen haalt voldoening uit het opruimen van oud zeer. Sommige leiders zijn op hun best in een goed lopende organisatie, waar ze successen behalen en vieren, nieuwe activiteiten ontwikkelen en hun organisaties doen groeien. Zij zijn hard nodig om waar te maken wat leiders zoals ik ruwweg in de steigers zetten. Het is dan ook jammer dat ik heel capabele leiders soms al na een jaar uit hun organisatie zie stappen, omdat ze die niet konden opbouwen zoals ze was voorgespiegeld. Ze raken opgebrand of ze bestempelen zichzelf als ‘niet de juiste persoon op de juiste plek’. Terwijl dat maar de vraag is.
Ik denk niet dat dit ‘falen’ aan hun kwaliteiten lag, maar dat wat zij aantroffen niet in lijn was met hun verwachtingen. Sommigen vertelden me dat hier ‘eerst een interimmer overheen had moeten gaan’. Maar voor een organisatie is dat niet altijd een goede keuze. Veel wisseling van de wacht kost kruim. Als je niet oppast, hol je je organisatie uit omdat de medewerkers uit passie vaak maar doorgaan. Met een andere opdracht, vertrouwen van de werkgever en betere begeleiding waren de meeste van deze leiders waarschijnlijk veel verder gekomen. Beter voor alle betrokkenen!
Ben jij zo’n leider die iets anders tegenkwam dan verwacht? Of begin je binnenkort aan iets nieuws? Gebruik je eerste 100 dagen dan om heel nauwkeurig te analyseren waar de organisatie écht staat. Scherp je opdracht aan. Schakel indien nodig goede begeleiding in. Dan is de kans dat je kunt voldoen aan de verwachtingen van anderen én jezelf veel groter. En ben jij bestuurder van een organisatie waar een directiewissel aanstaande is? Ga er niet automatisch vanuit dat de organisatie in optimale staat is. Sluit je ogen niet voor opruimwerk, onderzoek grondig wat de noden zijn en welk type leider daarbij past. Iedereen zal er wel bij varen.
En onthoud: na regen komt altijd een keer zonneschijn en na vloed wordt het altijd weer eb… voor een poosje, in ieder geval.